

Wie Ruth Gipps onderwezen toen zij in 1937 studeerde aan het Royal College of Music in Londen? Dat waren niemand minder dan Gordon Jacob en Ralph Vaughan Williams, twee van de gerenommeerdste componisten van die tijd. Dit fantastische album met muziek voor hobo, expressief en technisch briljant uitgevoerd door Juliana Koch, toont hoe vormend beiden waren voor Gipps’ muziek. De muziek heeft een hoopvolle lyriek, hier en daar onderbroken door hoekige momenten, en het folk-achtige idioom is typerend voor Britse muziek van die tijd. Dit album presenteert werken van Gipps’ tijd aan het Royal College tot de jaren 90, het decennium van haar dood. De Hobosonate nr. 1, die Gipps componeerde toen ze nog maar 19 jaar oud was, toont een verbazingwekkend volwassen meesterschap over vorm en harmonische structuur, terwijl Kensington Garden Suite een heerlijk staaltje humor en nostalgische schoonheid is. ‘Sea-Weed Song’ illustreert haar melodische talent. De opener van het album, Hobosonate nr. 2, is ongetwijfeld Gipps op haar best. Dit late werk, gecomponeerd in 1985, laat zien hoe ver Gipps zich had ontwikkeld, maar ook hoe vastberaden ze was om haar stijl te perfectioneren in plaats van deze om te gooien.