

Monteverdi: Vespro della Beata Vergine
Raphaël Pichon was 10 jaar oud toen hij voor het eerst kennismaakte met de Mariavespers van Monteverdi. “Het was alsof ik een nieuw sterrenstelsel betrad”, vertelt hij aan Apple Music Classical. “Het shockeerde en veranderde me.” Ruim 25 jaar na die eerste uitvoering − en een decennium nadat hij het werk voor het eerst dirigeerde − heeft Pichon een opname die hij omschrijft als ‘een ware odyssee’, samen met zijn bekroonde ensemble Pygmalion.
De vespers, die werden gepubliceerd in Venetië in 1610, vormen een raadsel. Is deze reeks van psalmen, Magnificats, hymnen en solomotetten één cyclus, bedoeld voor een complete uitvoering, of is het een verzameling van op zichzelf staande stukken? Terwijl die discussie altijd nog volop wordt gevoerd betoogt Pichon dat beide antwoorden waar moeten zijn. “Het is als een kist met verbluffende schatten”, zegt hij, “een verzameling werelden. Maar de grootste sensatie beleef je door de volledige reis te maken en al die verschillende ruimtes, tijdperken en verhalen te bezoeken.”
Bij het maken van een opname (in plaats van een live concert) heeft Pichon enkele ongebruikelijke keuzes gemaakt om de meest bevredigende volgorde te creëren. Het opvallendst is het nieuwe einde. Pichon heeft de slottekst, ‘Fidelium animae’, een muzikale echo gemaakt van de indrukwekkende openingskreet van de solo tenor. “Het voelt volkomen natuurlijk”, zegt hij. “Ik hoop dat deze keuze onze reis nog duidelijker maakt: het is een cyclisch stuk, een kosmisch stuk. Terugkeren naar waar we begonnen − naar iets zo eenvoudigs − is pure vreugde.”