Biber: Missa Salisburgensis

Biber: Missa Salisburgensis

Salzburg is sinds jaar en dag een bedevaartsoord voor fans van Mozart en The Sound of Music. Maar de muzikale wortels van de stad reiken nog vele honderden jaren verder terug. De muziekcultuur die de stad in de middeleeuwen kende werd in de periode daarna verder ontwikkeld met extravagante werken voor grote groepen muzikanten en vocalisten. En geen was zo extravagant als de Missa Salisburgensis. Die werd zo goed als zeker gecomponeerd door Heinrich Ignaz Franz von Biber, adjunct-kapelmeester ten tijde van de eerste uitvoering van het werk in 1682. De partituur verdween vervolgens in de archieven om pas zo'n tweehonderd jaar later gepubliceerd te worden.
Bibers monumentale mis was geschreven voor een troepenmacht van 53 instrumentalisten en vocalisten. Pas in de laatste decennia van de afgelopen eeuw verschenen de eerste gerenommeerde opnames van het werk. De overtuigendste was de spectaculaire versie uit 1997 op het Archiv-label van Deutsche Grammophon, uitgevoerd door Gabrieli Consort & Players en Musica Antiqua Köln onder leiding van Paul McCreesh en Reinhard Goebel. Hun Missa Salisburgensis, opnieuw gemasterd in 2022 in ruimtelijke audio, bevat stukken voor solostemmen, twee koren met 16 vocalisten, diverse barokke strijkers en blazers, acht trompetten en pauken, een paar acrobatische barokke trompetten, drie baroktrombones, twee cornetto's en vier orgels.
“Het is een buitengewoon werk, een archetypische contrareformatorische compositie”, vertelt McCreesh aan Apple Music. “En het maakt een kolossaal geluid!” Het werk, legt hij uit, werd geschreven om de oprichting 1.100 jaar geleden te vieren van het bisdom van Salzburg door Rupert van Salzburg. Een prima gelegenheid om alle topmuzikanten uit de stad op te trommelen, al dan niet verbonden aan de barokke kathedraal van Salzburg. “Er zijn een of twee dingen aan de structuur van de compositie die me verbijsteren”, voegt McCreesh toe, “maar ik denk dat het goed werkt als je het accepteert voor wat het is: een groots pronkstuk. We schroomden ons niet om het uit te voeren met echte militaire blazers, hard en rechtuit gespeeld. Het is niet bepaald ingetogen en verfijnd. We waren ons er wel van bewust dat dat een heel erg bombastische stijl was voor de trompetten, die natuurlijk in contrast staan met Bibers barokke, delicate partijen voor de strijkers en solostemmen.”
McCreesh en Goebel kozen ervoor om de Missa Salisburgensis te koppelen aan twee sonates uit Bibers Sonatae tam aris quam aulis servientes ('Sonates voor zowel aan het altaar als aan tafel'). Namelijk Sancti Polycarpi voor koperensemble en positief (een klein pijporgel) en nog een klapper van Biber, het motet Plaudite tympana voor 54 stemmen en instrumenten. Ze stelden een uitmuntend team van muzikanten samen voor de opnamesessies, die werden gehouden in de Romsey Abbey in het Engelse graafschap Hampshire. Daar creëerden ze een gevoel van ruimtelijke scheiding en ideale samensmelting van geluid door iedereen verspreid door de hele ruimte op te stellen.
Archiv gaf de Missa Salisburgensis en diens bijbehorende stukken een indrukwekkende sonische metamorfose voor een heruitgave voor het 25-jarige jubileum van het album. De opnieuw gemasterde opname gebruikt de surround sound-technologie van Dolby Atmos om de dramatische contrasten tot leven te brengen, en de impact van Bibers muziek te vergroten. Behalve dat het volle gewicht van het koor is te horen, heeft het Atmos-proces ook adembenemende helderheid toegevoegd aan de originele opnames, die van zichzelf al zo indrukwekkend waren. Ook de polyfonische details krijgen extra warmte, zoals is te horen in 'Et vitam venturi' uit 'Credo' (track 5), en in de dialoog tussen instrumenten en solostemmen in de 'Osanna'-secties van 'Sanctus' (track 7). Het beste van alles is nog wel de razendsnelle overgang in het 'Agnus Dei' (track 8): van het volle geluid van het koor, de koperblazers en andere instrumenten tot het betoverende 'Miserere', dat door Biber gedempt, maar messcherp is aangezet om de oprechtheid van het gebed aan het Lam Gods te onderstrepen. De instrumentale sonates op kamerformaat klinken ook bijzonder levensecht. Het roept bij luisteraars het beeld op dat de muzikanten van Musica Antiqua Köln zich een weg door de muziek dansen.
McCreesh is terecht altijd nog trots op de opnames. “Het roept mooie herinneringen op”, besluit hij, “en ik denk echt dat het de tand des tijds heeft doorstaan. Als ik het nu opnieuw op zou nemen denk ik niet dat ik substantieel andere keuzes zou maken. En dat is iets wat ik niet vaak zeg, want veel wat ik heb gedaan zou ik nu anders aanpakken.”